De desktoprevolutie staat voor de deur
Nu het naderende einde van de ondersteuning voor Windows XP spreekwoordelijk om de hoek loert, is het tijd om de balans op te maken van het desktoplandschap en moeilijke beslissingen te nemen. Windows XP heeft het desktoplandschap, zowel thuis als in het bedrijfsleven, meer dan een decennium gedomineerd. Zeker, Windows 7 en, in iets mindere mate, Windows 8 hebben het op grote schaal vervangen, maar er is nog steeds een enorme geïnstalleerde basis van Windows XP, en veel bedrijven hebben verzuimd hun langetermijnstrategie in de wereld na XP te bepalen en zijn nog steeds aan het worstelen om hun houvast te vinden.
Wat context is, vind ik, behoorlijk belangrijk. Vandaag de dag lijkt het wellicht een uitgemaakte zaak dat Microsoft de zakelijke desktopruimte zal “bezitten”, met Mac OSX die vecht voor een klein stukje van de koek dat Microsoft nauwelijks opmerkt. Deze status quo bestaat al zeer lange tijd – langer dan het typische geheugen van een industrie die zo’n hoge mate van verandering ondergaat. Maar de zaken zijn in werkelijkheid niet zo lang op deze manier geweest.
Laten we in plaats daarvan eens kijken naar het landschap van 1995. Microsoft had een krachtig product voor thuisgebruikers, Windows 95, en begon serieus te worden genomen in de zakelijke ruimte. Maar hun positie daar, buiten DOS, was relatief nieuw en Windows 3.11 bleef hun primaire product. Microsoft kreeg sterke concurrentie van vele fronten, waaronder Mac OS en OS/2, plus vele kleinere nichespelers. UNIX maakte zich kenbaar in high-end-werkstations. Linux bestond, maar was nog niet doorgedrongen tot het zakelijke vocabulaire.
De zakelijke-desktoprevolutie van Microsoft vond plaats in 1996 met de baanbrekende release van Windows NT 4.0 Workstation. Windows NT 4 was zo’n dramatische verbetering in de desktopervaring, architectuur, stabiliteit en netwerkmogelijkheden dat het de industrie vrijwel onmiddellijk opnieuw definieerde. Het was Windows NT 4 dat het momentum creëerde waardoor Microsoft alomtegenwoordig werd op de werkplek. Het was NT 4 dat veel van wat we als moderne computing beschouwen heeft gedefinieerd. NT 4 verdrong alle andere concurrenten, degradeerde Mac OS tot de meest nicheachtige posities en elimineerde OS/2 en vele andere producten in feite volledig. Het was in het NT 4-tijdperk dat het concept van de Microsoft Certified Professional en de MCSE ontstond en waar veel van het corpus aan paraat geleerde kennis van de industrie werd gecreëerd. NT 4 introduceerde ons tot pure 32-bits computing binnen de x86-architectuurruimte. Het was het eerste reguliere besturingssysteem dat werd gebouwd met de focus op het in een netwerk werken.
Windows NT 4 groeide tussen 1996 en 2001 van interessante nieuwkomer uit tot dominantie in de desktopruimte. In de tussentijd werd Windows 2000 Pro uitgebracht, maar dit was, net als Vista, in werkelijkheid een terzijde geschoven en gemarginaliseerde technologievoorproef die weinig deed om het gevestigde desktopproduct te verdringen. Het duurde tot 2001, met de release van Windows XP, voordat Windows NT 4 een waardige opvolger had. Een product van extreme stabiliteit met voldoende nieuwe functies en extra glans om een wijdverspreide overstap van het oude platform naar het nieuwe te rechtvaardigen. NT 4 zou nog vele jaren blijven hangen, maar zou langzaam vervagen naarmate gebruikers nieuwere functies en toegang tot nieuwere hardware eisten.
Windows NT 4 en Windows XP hadden veel gemeen. Beide waren ontworpen rond stabiliteit en bruikbaarheid, niet als platforms voor het introduceren van brede veranderingen aan het besturingssysteem zelf. Beide waren incrementele verbeteringen ten opzichte van wat reeds beschikbaar was. Beide ontvingen meer grootschalige updates (in Microsoft-termen: Service Packs) dan andere besturingssystemen ervoor en erna, waarbij NT 4 er zeven had (of zelfs acht, afhankelijk van hoe je ze telt) en XP er drie. Elk was de belangrijkste voorhoede van een nieuwe processorarchitectuur, NT 4 met het 32-bits x86-platform en XP als eerste met een optie voor de 64-bits AMD64-architectuur. Beide waren de laatste releases van hun belangrijkste kernelversie. Windows NT 4 en Windows XP namen samen unieke plaatsen in binnen het desktopecosysteem, met penetratiecijfers die wellicht nooit meer door enig product in die categorie zullen worden gezien.
Na bijna achttien jaar is die dominantie aan het tanen. Windows 7 is een waardige opvolger van de kroon, maar het slaagde er niet in dezelfde iconische status te bereiken als Windows XP, en het werd snel gevolgd door het dramatisch veranderde Windows 8 en nu Windows 8.1, beide gebouwd op dezelfde fundamentele kernel als Windows 7 (en Vista ook).
Het speelveld is vandaag de dag anders. Mobiele apparaten – telefoons, tablets en dergelijke – hebben ons geïntroduceerd tot nieuwe besturingssysteemopties en -paradigma’s. Het desktopplatform is geen uitgemaakte zaak als het zakelijke platform bij uitstek. Evenmin is de Intel/AMD-processorarchitectuur een vanzelfsprekendheid, aangezien ARM serieus terrein heeft beginnen te winnen en een belangrijke speler lijkt te worden in elke ruimte waar Intel en AMD de afgelopen twee decennia de scepter hebben gezwaaid.
Dit plaatst bedrijven in de positie dat ze moeten beslissen hoe zij hun energie voor eindgebruikersondersteuning in de komende jaren zullen richten. Er zijn talloze strategieën om te overwegen.
De voor de hand liggende benaderingen, die ik aanneem dat vrijwel alle bedrijven zullen volgen, al was het maar om de status quo te handhaven, zijn om ofwel te kiezen voor een “de kat uit de boom kijken”-plan dat inhoudt dat ze vandaag Windows 7 implementeren en hopen dat de nieuwe interface en stijl van Windows 8 verdwijnt, of dat ze tussen nu en het einde van de Windows 7-ondersteuning een alternatief zullen vinden. Deze strategie lijdt eronder dat ze zich op het verleden richt en een vroeger dan noodzakelijke upgradecyclus verderop in de tijd in gang zet, terwijl ze bedrijven vandaag de dag achterlaat op technologisch gebied. Geen strategie die ik over het algemeen zou aanbevelen, maar zeer waarschijnlijk de meest voorkomende strategie, aangezien ze de minste “pijn vandaag” mogelijk maakt – een veelvoorkomende tendens in de IT. Voor Windows 7 kiezen vertegenwoordigt een opeenstapeling van technische schuld.
Die bedrijven die bereid zijn om het Microsoft-ecosysteem werkelijk te omarmen, zullen kijken naar een overstap naar Windows 8 en 8.1 om de nieuwste functies en grootste coderijpheid te verkrijgen en om over de langst beschikbare ondersteuningscyclus te beschikken. Dit is, vind ik, meer vooruitstrevend en omarmt vandaag een geringe drempel aan pijn teneinde morgen productiviteitswinst te ervaren. Dit is naar mijn mening de beste investeringsstrategie voor bedrijven die werkelijk bij het Microsoft-ecosysteem willen blijven.
Buiten de Microsoft-wereld staan er nu echter andere opties voor ons open die, realistisch gezien, niet beschikbaar waren toen Windows NT 4 werd uitgebracht. Het meest voor de hand liggend is Apple’s Mac OSX Mavericks. Apple weet dat Microsoft in 2014 bijzonder kwetsbaar is nu de ondersteuning voor Windows XP eindigt en gebruikers de veranderingen van Windows 8 vrezen, en is zeer agressief in hun technische strategie, zowel aan de hardwarezijde met de release van een dramatisch nieuw desktopapparaat – de zwarte, cilindervormige Mac Pro – als met de gratis release (voor wie zich uiteraard op Apple’s hardware bevindt) van Mac OSX 10.9. Ze duwen hard om niet-Mac-gebruikers geïnteresseerd te krijgen in hun platform en om bestaande gebruikers bij te werken en de nieuwste functies te laten gebruiken. Apple heeft de afgelopen jaren enorm terrein gewonnen op Windows-gebied en weet maar al te goed dat 2014 hun grootste kans is om in één keer een aanzienlijk stuk van de markt te veroveren. Apple heeft van hun Mac-platform een serieuze kanshebber gemaakt in de zakelijke desktopruimte en het is serieuze overweging waard. Steeds meer bedrijven voegen ofwel Macs toe aan hun strategie of stappen volledig over op Mac.
De andere grote speler in de kamer is uiteraard Linux. Het is gemakkelijk om de uitspraak te doen dat 2014 het “Jaar van de Linux-desktop” zal zijn, wat het uiteraard niet is. Linux is echter een krachtige, volwassen optie voor de zakelijke desktop, en met de gestage verschuiving van de industrie naar enterprise-webgebaseerde applicaties zijn de eerdere bezwaren tegen Linux significant vervaagd. Linux is vandaag de dag een sterke kanshebber, mits je het binnen de deur krijgt. Kosteneffectief en eenvoudig te ondersteunen; de achilleshiel van Linux is het grote aantal verwarrende distributies en desktopopties. Linux gaat de desktopwereld bepaald niet stormenderhand veroveren, maar de komende vijf maanden bieden wel een van de beste periodes om enkele Linux-opties te demonstreren en uit te proberen om te zien of ze in jouw bedrijf levensvatbaar zijn. Ter voorbereiding op de waarschijnlijke marktopleving die Linux zal voelen, hebben de meeste van de belangrijkste Linux-desktopspelers – Suse, Ubuntu en Mint – in de afgelopen weken grote updates uitgebracht, waardoor wie Linux voor het eerst (of voor het eerst in lange tijd) wil ontdekken iets bijzonder verleidelijks te ontdekken heeft. Het Mint-project heeft de afgelopen jaren in het bijzonder de koe bij de horens gevat en de Mate- en Cinnamon-desktops geïntroduceerd, die bijzonder aantrekkelijk zijn voor gebruikers die op zoek zijn naar een Windows 7-achtige desktopervaring met een vooruitstrevende agenda.
Eveneens binnen de Linux-familie, maar beslist een geheel eigen wezen, is Google’s ChromeOS een interessante overweging voor een bedrijf dat geïnteresseerd is in verandering. ChromeOS is hoogstwaarschijnlijk de meest nicheachtige van de desktopopties, maar een zeer bijzondere. ChromeOS kiest de invalshoek dat een bedrijf volledig via webinterfaces kan draaien, waarbij alle applicaties zo geschreven zijn dat ze op deze manier toegankelijk zijn. En inderdaad, veel bedrijven naderen dit punt vandaag de dag, maar weinige hebben het volledig gehaald. ChromeOS vereist een dramatische heroverweging van beveiligings- en applicatiearchitecturen voor een normaal bedrijf en zal daarom geen brede acceptatie kennen, maar voor die unieke bedrijven die in staat zijn er gebruik van te maken, kan het een krachtige en uiterst kosteneffectieve optie zijn.
Uiteraard is er de afgelopen jaren ook een geheel nieuwe categorie aan opties verschenen – de mobiele platforms. Deze bestonden toen Windows XP werd uitgebracht, maar ze waren op geen enkele manier klaar om bestaande desktops te vervangen. Maar gedurende het Windows XP-tijdperk groeiden de mobiele platforms significant in rekenkracht, en de besturingssystemen die ze aandrijven – overwegend Apple iOS en Google Android – zijn ontstaan en de belangrijkste spelers geworden in de ruimte van eindgebruikersapparaten.
iOS en Android, en in mindere mate Windows Phone en Windows RT, hebben het mobiele platform heruitgevonden tot een belangrijk communicatie-, productiviteits- en entertainmentplatform dat wedijvert met de traditionele desktop. Grotere mobiele apparaten, zoals de iPad, verdringen op veel plaatsen op grote schaal laptops en bieden, hoewel anders, vaak overlappende functionaliteit. Het wordt steeds gebruikelijker om een iOS- of Android-apparaat te zien dat wordt gebruikt voor minder intensieve computingtoepassingen die traditioneel aan desktop- of laptopapparaten toebehoorden. Het is moeilijk voor te stellen dat mobiele platforms de komende jaren het enige computingplatform van een bedrijf zullen kunnen zijn, maar het is mogelijk dat we dit gedurende deze productcyclus bij randgevalbedrijven zullen zien beginnen te gebeuren.
Uiteraard moet elke discussie over de toekomst van de desktop rekening houden met veranderingen, niet alleen in producten, maar ook in architecturen. Marketing rond VDI (Virtual Desktop Infrastructure) heeft gevirtualiseerde en gecentraliseerde computingarchitecturen naar de voorgrond gestuwd, samen met het concept van gehoste of “cloud”-desktopaanbiedingen (waaronder Desktop as a Service). Hoewel nog in opkomst, zal de categorie van “betalen per uur”-nutsdesktopcomputing de komende jaren waarschijnlijk groeien.
Met zo veel veranderingen op komst is er uiteraard een ander probleem waarmee bedrijven geconfronteerd zullen worden. Gedurende de afgelopen twee decennia kon vrijwel elk bedrijf veilig aannemen dat nagenoeg al zijn werknemers thuis een Windows-computer zouden hebben, waar zij vertrouwd zouden raken met elke actuele interface en mogelijk met veel van de software die zij dagelijks zouden gebruiken. Maar dit is veranderd. In toenemende mate zijn iOS en Android de enige apparaten die mensen thuis hebben, en voor wie traditionele computers heeft, wordt het up-to-date houden van Windows steeds minder gebruikelijk, terwijl Mac OSX en Linux in opmars zijn. Een van de belangrijkste drijvende krachten die Windows kosteneffectief maakte – namelijk een gebrek aan benodigde training – zou kunnen omslaan van in zijn voordeel naar actief in zijn nadeel.
Misschien is de grootste verandering die ik in de volgende desktopcyclus verwacht niet die van een nieuwe desktopkeuze, maar een verschuiving naar meer heterogene desktopnetwerken waarin vele verschillende besturingssystemen, processorarchitecturen en uitrolstijlen naast elkaar bestaan. Naarmate BYOD om zich heen grijpt en ondersteuning van verschillende apparaattypes noodzakelijk wordt, en naarmate de gebruikerservaring verandert en zakelijke apps naar webplatforms verhuizen, zullen de voordelen van een uiteenlopende “kies het apparaat voor de taak of de gebruiker”-strategie steeds gebruikelijker worden. Bedrijven zullen vrij zijn om hun opties te verkennen en vrijer te kiezen op basis van hun unieke behoeften.
Het tijdperk van desktop-lock-in is voorbij. Of het nu door marktmomentum of bestaande gebruikerservaring of applicatiebeperkingen is – de redenen die het bedrijfsleven hecht aan het Windows-platform gekoppeld hielden, vervagen snel. De toekomst biedt een landschap van keuzes, zowel in wat we uitrollen als in hoe we het uitrollen.
